Kleuterparticipatie in Vlaanderen nooit zo hoog

Door Vera Celis op 16 april 2018, over deze onderwerpen: Kleuterparticipatie

Nog nooit lag de kleuterparticipatie in Vlaanderen en Brussel zo hoog: ruim 98,8% van de Vlaamse kleuters was in het schooljaar 2016-2017 ingeschreven in de kleuterschool. Vlaams volksvertegenwoordiger Vera Celis, die de cijfers opvroeg bij minister van Onderwijs Hilde Crevits, reageert tevreden: “Deze stijging is een opsteker voor de Vlaamse Regering en de lokale actoren die in de laatste jaren van kleuterparticipatie een speerpunt hebben gemaakt.” Het parlementslid geeft wel aan dat er op het vlak van regelmatige aanwezigheid nog werk aan de winkel is.

Slechts 2.784 kleuters (of 1,2% van het totaal aantal kleuters) tussen 2 en 5 jaar waren in het schooljaar 2016-2017 niet ingeschreven in een school in Vlaanderen. In het schooljaar 2015-2016 lag dat dat cijfer nog op 2.900 kleuters (of 1,3%). Dankzij deze cijfers behoort Vlaanderen nog altijd tot de absolute wereldtop op het vlak van kleuterparticipatie. “Deze evolutie is een goede zaak,” zegt Vlaams parlementslid Vera Celis, “Het recente TIMSS-onderzoek, een internationaal vergelijkend onderzoek naar leerlingenprestaties in wiskunde en wetenschappen, toont namelijk aan dat een verhoogde aanwezigheid in het kleuteronderwijs tot betere resultaten leidt in het lager onderwijs.”

Regelmatige aanwezigheid blijft aandachtspunt

Maar het is niet omdat kleuters in een school zijn ingeschreven, dat ze er ook “voldoende” aanwezig zijn. Om te mogen starten in het eerste leerjaar, moeten kleuters voldoende aanwezig zijn geweest in de kleuterschool. Tweejarigen moeten minstens 100 halve dagen aanwezig zijn per schooljaar, voor de driejarigen geldt 150 halve dagen per schooljaar, voor de vierjarigen minstens 185 halve dagen en voor de vijfjarige leerlingen minstens 220 halve dagen. In het schooljaar 2016-2017 waren er in Vlaanderen 2.196 Vlaamse kleuters (of 2,9% van het totaal aantal ingeschreven kleuters) van 5 jaar onvoldoende aanwezig in de kleuterklas. Celis: “De cijfers gaan weliswaar de goede kant uit: in het schooljaar 2015-2016 gingen 2.326 vijfjarigen (of 3,0%) onvoldoende vaak naar school. Voor veel van deze kleuters is er een verklaarbare reden, zoals gezondheidsredenen of een verblijf in het buitenland. Voor andere kleuters ligt de oorzaak elders: ze groeien op in kansarmoede of in een kwetsbaar gezin. Nochtans hebben vooral deze kinderen baat bij een regelmatige aanwezigheid.”

Nog veel werk in de steden

Ondanks de hoge participatiecijfers in Vlaanderen blijft er nog heel wat werk op de plank in de steden op het vlak van regelmatige aanwezigheid: zo zaten 441 (of 6%) Antwerpse kleuters van 5 jaar onvoldoende vaak op de schoolbanken tijdens het schooljaar 2016-2017. In Gent waren dan weer 185 (of 6%) vijfjarige kleuters onvoldoende aanwezig. In Oostende lag het cijfer opvallend hoog: ruim 71 (of 10%) vijfjarige kleuters vindt daar onvoldoende zijn weg naar de kleuterschool. Ook in Turnhout (6%), Leuven (5%) en Kortrijk (5%) ligt er nog werk op de plank.

Voor de N-VA blijft kleuterparticipatie een cruciaal aandachtspunt. Celis: “Door een aantal recente maatregelen van deze Vlaamse Regering zullen we het in de toekomst nog beter doen qua kleuterparticipatie. Ik verwijs naar het verhogen van de vereiste aanwezigheid van 220 naar 250 halve dagen en naar de participatietoeslag binnen de nieuwe kinderbijslag voor gezinnen die hun kleuters regelmatig naar school sturen. Ik pleit er wel voor om zeker de ouders van de kleine groep afwezige kleuters te blijven sensibiliseren. Een gezamenlijke aanpak van onderwijs- en welzijnsorganisaties is hier zeer belangrijk, ik denk aan de scholen, Kind en Gezin, lokale CAW’s en OCMW’s, … Daardoor kunnen we deze kwetsbare gezinnen beter bereiken en informeren over het nut om hun kind regelmatig naar school te sturen”.

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is